VMR blokje




Kennis­netwerk voor milieu-, water- en natuur­beschermings­recht 

Op weg naar een internationaal Verdrag Bedrijven & Mensenrechten - Nederland en EU, toon meer ambitie!

Geplaatst op 04-12-2019  -  Categorie: Columns Mondiale duurzaamheid en recht  -  Auteur: Janneke Bazelmans

Mensenrechtenschendingen gelinkt aan (internationale) bedrijfsactiviteiten komen herhaaldelijk voor. Denk aan landconflicten, schending van arbeidsrechten of vervuiling van de leefomgeving als gevolg van palmolie- of sojaplantages, mijnbouw, infrastructurele projecten, oliewinning of de textielindustrie.
(Nederlandse) bedrijven kunnen hier op verschillende manieren bij betrokken zijn: via productieketens, investeringen, dienstverlening of directer, via een dochteronderneming.
In onze geglobaliseerde wereld zijn er veel (financiële) prikkels voor bedrijven om te produceren of te importeren vanuit landen waar de kosten het laagst zijn en de grondstoffen voorradig. Multinationale bedrijven manoeuvreren tussen verschillende nationale rechtsgebieden waardoor ze in een juridisch vacuüm opereren en moeilijk door een rechter op hun verantwoordelijkheid kunnen worden aangesproken.

UN Guiding Principles en OESO-richtlijnen
Het internationaal normenkader (UN Guiding Principles[1] en ook de OESO-richtlijnen[2] voor multinationale ondernemingen) is duidelijk: bedrijven dienen mensenrechten te respecteren (responsibility to respect), staten hebben een zorgplicht (duty to protect) en slachtoffers hebben toegang tot een effectief rechtsmiddel als er schendingen plaatsvinden (access to remedy). Echter, dit betreffen niet bindende maatregelen en uit recent onderzoek blijkt dat sprake is van gebrekkige naleving.[3] De Corporate Human Rights Benchmark 2019 laat zien dat de helft van de 200 grootste bedrijven in de wereld tekortschieten wat betreft het voldoen aan human rights due diligence. Daarnaast ondervinden slachtoffers juridische en praktische obstakels bij toegang tot een rechtsmiddel. Tegelijkertijd is het opkomen voor mensenrechten en het beschermen van de leefomgeving levensgevaarlijk. Natuur- en mensenrechtenbeschermers worden bedreigd, geïntimideerd, gearresteerd, gecriminaliseerd en zelfs vermoord. [4]

Bindend VN-verdrag
Het VN-verdrag (UN Binding Treaty on Transnational Corporations and Human Rights) dat staten en bedrijven dwingt om mensenrechtenschendingen te voorkomen, kan hier verandering in brengen door op wereldwijd niveau bindende regels vast te leggen over verplichte human rights due diligence voor bedrijven. Het verdrag kan regels stellen met betrekking tot bewijslast, zorgplicht, toepasselijk recht, preventieve maatregelen om schendingen te voorkomen en toegang tot het recht waarborgen. Op die manier ontstaat rechtszekerheid en een gelijkwaardig speelveld voor bedrijven.

In oktober vonden in Genève onderhandelingen plaats over de tweede conceptversie (revised draft) van het VN-verdrag.[5] Hoewel het tweede concept veel beter is dan het eerste (zero draft) is nog veel onduidelijk, zoals o.a. welke mensenrechten beslaat het verdrag, de scope, jurisdictie, de omkering van de bewijslast, het toepasselijk recht, de rechten van slachtoffers, wettelijke verantwoordelijkheid en internationale samenwerking.

De EU en ook Nederland hebben zich in Genève helaas afzijdig gehouden. De EU had geen onderhandelingsmandaat en het was (en is het nog steeds) onduidelijk hoe de competentieverdeling (EU/EU-lidstaat) zich verhoudt met betrekking tot onderdelen uit het verdrag. Het is belangrijk dat Nederland en de EU wel een actieve en ambitieuze rol gaan vervullen in de totstandkoming van het verdrag en daarnaast ook meer VN-lidstaten aan boord krijgen. Want terwijl Nederland en de EU in Genève aan de zijlijn toekeken, werden er door andere landen, waaronder China, Brazilië en Rusland, ‘bondjes’ over bepaalde onderwerpen gesloten.

Het ontwerpverdrag is te zien als een discussiedocument waarbij er voldoende ruimte is om eigen ervaringen op IMVO-gebied in te brengen, inhoudelijk, kritisch en constructief mee te onderhandelen en het verdrag verder mee vorm te geven. Een unieke gelegenheid voor Nederland en de EU om op internationaal niveau tot bindende regels voor bedrijven en mensenrechten te komen. Maar dan moeten ze wel meedoen!

Auteur: Janneke Bazelmans is lid van de werkgroep Mondiale duurzaamheid en recht en werkzaam bij Milieudefensie als sr inhoudelijk medewerker Klimaatrechtvaardigheid & Bossen.
Zij schrijft op persoonlijke titel.

 

 

 

[1] UN Guiding Principles on business and human rights, https://www.ohchr.org/Documents/Publications/GuidingPrinciplesBusinessHR_EN.pdf

[2] The OECD Guidelines for Multinational Enterprises, http://mneguidelines.oecd.org/guidelines/

[3] Zie: https://www.corporatebenchmark.org/sites/default/files/2019-11/CHRB2019KeyFindingsReport.pdf

[4] Zie de cijfers over 2018: https://www.globalwitness.org/en/campaigns/environmental-activists/enemies-state/ en
https://www.frontlinedefenders.org/en/resource-publication/global-analysis-2018

[5] https://www.ohchr.org/Documents/HRBodies/HRCouncil/WGTransCorp/OEIGWG_RevisedDraft_LBI.pdf